China
20 jaar samenwerkingsakkoord
TopHet Oost-Vlaams provinciebestuur onderhoudt sinds 20 jaar intense contacten met de Chinese provincie Hebei. In oktober 1991 ondertekenden beide provinciebesturen plechtig een vriendschaps- en samenwerkingsakkoord. Hiermee was Oost-Vlaanderen de tweede provincie in België (na Antwerpen) die een samenwerking aanging met een Chinese provincie. Men mag niet vergeten dat dergelijke vriendschaps- en samenwerkingsakkoorden op dat moment de enige opstap vormden voor samenwerking met de Volksrepubliek China.
De eerste officieuze contacten dateerden al van 1989 en resulteerden toen in een afspraak om samen te werken. Deze plannen werden echter doorkruist door de gebeurtenissen op het Tien-An-Menplein in Peking waar een studentenopstand bloedig werd onderdrukt. Het Oost-Vlaams provinciebestuur sloot zich aan bij de officiële diplomatieke houding van de federale regering die in navolging van en in overleg met andere landen besliste om de diplomatieke relaties tijdelijk te bevriezen. In 1991 werden de diplomatieke relaties opnieuw heropgestart en stond niets een samenwerking met Hebei in de weg.
De keuze voor Hebei was ingegeven door een aantal strategische opportuniteiten. Hebei had en heeft dan ook veel te bieden. Er is de ligging rond de hoofdstad Beijing met alle economische voordelen die dit met zich meebrengt voor bijvoorbeeld bevoorrading met consumptiegoederen en de herlokalisatie van industrieën die door de oprukkende verstedelijking uit de hoofdstad worden weggedreven. Er is ook de ligging aan de zich snel ontwikkelende Oostkust die de jongste decennia niet alleen een sterke economische ontwikkeling heeft gekend maar ook inzake ontsluiting via de havenconcentraties zeer veel potentieel inhoudt voor onze eigen havens.
Samenwerkingsprincipes
TopVan bij de opstart ging de samenwerking uit van een aantal principes die ook vandaag nog onveranderd gelden.
Vooreerst is de samenwerking subsidiair en complementair aan de federale en Vlaamse relaties met de Volksrepubliek China. Zij concentreert zich op de samenwerking van provincie tot provincie en doet met andere woorden aan een geografische nichepolitiek. Het provinciebestuur werkt in permanent overleg met de federale en Vlaamse instanties en ook in acties wordt synergie nagestreefd. Door de geleverde inspanningen en de behaalde resultaten heeft het provinciebestuur een vaste positie verworven in zijn relaties met China in het algemeen en Hebei in het bijzonder. Het provinciebestuur wordt dan ook meestal nauw betrokken bij de voorbereiding van grote missies van de federale of Vlaamse overheid. Ook ten opzichte van het probleem van de mensenrechten volgt het provinciebestuur de officiële Belgische houding. Dit nam niet weg dat het provinciebestuur in het verleden verschillende keren bij officieuze contacten met de autoriteiten in Hebei zijn bezorgdheid uitdrukte over mogelijke schendingen van de mensenrechten.
Daarnaast ging het provinciebestuur van bij de start van de samenwerking uit van een economische finaliteit. De samenwerking met Hebei moest resulteren in het creëren van opportuniteiten voor onze Oost-Vlaamse bedrijven. Recent is daar het toenemend belang bijgekomen om onze eigen regio te gaan promoten als ideale investeringsregio ten aanzien van de Chinese overheden en het Chinees bedrijfsleven. Deze opportuniteit krijgt bijzondere aandacht en vooral de havens, de distributieve en logistieke sterkten van Oost-Vlaanderen worden in beeld gebracht.
Het Oost-Vlaams provinciebestuur koos onmiddellijk voor een flankerend en ondersteunend beleid om zo de economische initiatieven van onze bedrijven te faciliteren. Van bij de opstart werd immers gekozen voor een intense samenwerking op bestuurlijk niveau die zou resulteren in diverse bestuurlijke projecten inzake cultuur, monumentenzorg, onderwijs, rampenmanagement, communicatie, havensamenwerking, … Hiermee wil het provinciebestuur goodwill creëren waarop de economische samenwerking zich kon enten.
Er werd ook vrij vlug gekozen om de samenwerking structureel uit te bouwen. Dit resulteerde in 1998 in een akkoord waarbij beide provinciebesturen zich engageerden om respectievelijk een Chinadesk en een East Flandersdesk op te richten waar de bedrijven terecht konden voor diverse dienstverlening. De Chinadesk zorgt ook voor de dagelijkse afstemming van het provinciaal Chinabeleid met dat van andere actoren. Belangrijk inzake ondersteuning ten aanzien van het bedrijfsleven was ook het in 1998 afgesloten samenwerkingsverband met de Belgisch-Chinese Handelskamer die ondersteuning verleent op diverse terreinen en een duidelijke meerwaarde biedt voor beide partijen en voor de betrokken ondernemingen. Met ingang van 2005 wordt deze samenwerking voortgezet met de nieuw opgerichte Vlaams-Chinese Kamer van Koophandel. De samenwerking concentreert zich rond concrete dienstverlening voor de Oost-Vlaamse bedrijven als in de organisatie op geregelde tijdstippen van seminaries en colloquia.
Ondanks deze goed afgelijnde principes verliep de uitbouw van de relaties met China in het algemeen en Hebei in het bijzonder in de aanvangfase niet steeds vlot. Er waren de communicatieproblemen die zich niet alleen concentreerden op concrete taalproblemen, maar ook sterk verbonden waren met zeer sterke bestuurlijke verschillen. Het waren problemen die in de huidige focus rond China zeer snel worden vergeten maar toendertijd werkelijk structureel hinderlijk waren in de uitbouw van de relaties.
Missies
TopHet provinciebestuur koos in de beginjaren voor grote multisectoriële missies waaraan ook grote bedrijven deelnamen. Dit had ongetwijfeld zijn voordelen inzake positionering en visibiliteit, maar was naar resultaatgerichtheid niet de beste keuze. Geleidelijk aan werd er een verschuiving gerealiseerd richting KMO's die weliswaar ambitieus zijn, maar soms de slagkracht missen en de nodige ondersteuning nodig hebben bij hun zoektocht naar opportuniteiten op de internationale markten. Naarmate de wederzijdse kennis vergrootte, verschoof de economische strategie steeds meer naar een sectoriële benadering aansluitend bij de opportuniteiten in Hebei en de specifieke knowhow en kwaliteiten van het Oost-Vlaams bedrijfsleven. Hoe dan ook zijn de resultaten van deelnames aan economische missies voor de deelnemende bedrijven afhankelijk van de finaliteit en de beoogde doelstellingen enerzijds en van externe factoren anderzijds – het al dan niet compatibel zijn met eventuele Chinese partners, restrictieve wetgeving en reglementen, … Bepaalde bedrijven beperkten zich louter tot marktverkenning of algemeen zoeken naar opportuniteiten, andere werden intensief begeleid in hun zoektocht naar duurzame en structurele samenwerking met Chinese partners. In onze maatschappelijk-bestuurlijke opvatting houdt hier immers de taak van een overheid op. Het maximum wat een bestuur kan aanreiken is het comfort dat de relaties tussen de overheden optimaal verlopen en dus een garantie kunnen bieden in maximale ondersteuning en goodwill, wat in dirigistisch aangestuurde economieën ongetwijfeld een pluspunt is. De eigenlijke afweging inzake uitbouw van economische relaties gebeurt door de bedrijven zelf. Wel kan worden gesteld dat de pragmatische methodologie welke ter gelegenheid van de economische missies werd ontwikkeld zeer sterk wordt geapprecieerd door het bedrijfsleven en waarbij niet alleen veel aandacht wordt besteed aan de voorbereiding van de individuele op maat gemaakte programma's, de opvolging maar daarnaast ook ter plaatse zeer flexibel wordt ingespeeld op zich onverwacht aandienende opportuniteiten.
Zoals al vermeld, werden in de loop van de samenwerking diverse projecten gerealiseerd tussen de provinciale overheden. Zo werd in 1996 een samenwerkingsakkoord ondertekend tussen de toenmalige Hebei Normal University in Hebei en de eigen Oost-Vlaamse Mercatorhogeschool dat tot doel had taaldocenten en studenten voor een heel academiejaar voor opleiding en vorming naar Gent uit te nodigen en anderzijds taal docenten naar Hebei te sturen. Dit project liep succesvol gedurende een aantal jaren maar diende stopgezet bij de grote hogescholenfusie eind de jaren '90. Ook met de universiteit Gent werden diverse projecten gerealiseerd. Zo werd onder andere tijdens de Prinselijke missie van 2003 in Shanghai een juridisch seminarie georganiseerd rond intellectuele eigendomsrechten. Daarnaast waren er officiële deelnames van Hebei aan Flanders Technology International (1999) en aan diverse edities van Agriflora, de grote landbouwbeurs welke jaarlijks wordt georganiseerd in Gent. De meest belangrijke en succesvolle aanwezigheid van China en Hebei in Oost-Vlaanderen betrof ongetwijfeld de deelname als gastland-gastprovincie aan de 50° editie van Accenta - Internationale Jaarbeurs van Vlaanderen. Er was niet alleen de deelname aan het beursgebeuren zelf maar daarnaast was er de aanwezigheid van een belangrijke culturele delegatie en de komst van een honderdtal Chinese bedrijfsleiders wat resulteerde in o.a. de organisatie van een zeer geslaagd China Business Forum met 350 participanten.
De goede en intense samenwerking tussen de beide provincies werd eveneens naar waarde gehonoreerd door de hogere overheden in beide landen. Zo mocht Oost-Vlaanderen in 1998 de heer Li Lanqing, toenmalig vice-premier, ontvangen voor een officieel werkbezoek. Twee jaar later was er het officieel bezoek van toenmalig vice-premier en actueel parlementsvoorzitter Wu Bangguo. Maar ook in België werden de inspanningen van Oost-Vlaanderen in de uitdieping van de relaties met China gewaardeerd. Bij de vier jongste prinselijke handelsmissie was Oost-Vlaanderen steeds aanwezig en bij bepaalde edities betrokken bij de voorbereiding. Tijdens de handelsmissie eind 2003 was er zelfs een ontmoeting tussen Prins Filip en de gouverneur en vice-gouverneur van Hebei. Tijdens het officieel bezoek van eerste minister Guy Verhofstadt aan de Volksrepubliek China in 2003 werd tussen beide provinciebesturen een overeenkomst ondertekend voor de realisatie van een wetenschappelijk bosproject in het noorden van de provincie. Tijdens een missie georganiseerd door toenmalig minister-president Leterme en de toenmalige vice minister-president Fientje Moerman in november 2005 bracht minister Moerman samen met een groot deel van de deelnemende Vlaamse bedrijven en instellingen een werkbezoek aan Hebei, wat resulteerde in een aantal samenwerkingsakkoorden. Zo wou de Vlaamse Landmaatschappij een demonstratieproject realiseren waarbij de VLM zijn knowhow ter beschikking stelt. Anderzijds heeft Aquafin zich geëngageerd om Hebei te helpen in waterzuivering.
Resultaten en toekomstperspectief
TopDe uiteindelijke bedoeling van de samenwerking was van bij de opstart de uitbouw van duurzame economische contacten. Vooral de jongste jaren is de samenwerking hierbij in een stroomversnelling gekomen. In Hebei werden de belangrijkste resultaten behaald in de sectoren milieu en landbouw. Zo werd de eerste grote waterzuiveringsinstallatie gebouwd door een Vlaamse onderneming gerealiseerd in de hoofdstad Shijiazhuang. Ook de samenwerking tussen de Gentse havens en een Qinghuangdao resulteerden in de opstart van trafieken van vooral steenkool. Uit die veelvuldige contacten is echter gebleken dat China voor onze KMO's niet altijd een gemakkelijk verhaal is. Er stellen zich immers de structurele problemen inzake schaalverhoudingen, inzake toegankelijkheid van de lokale markt, wetgeving en reglementering. Vandaar dat het provinciebestuur Oost-Vlaanderen het idee om te werken met clusters zeer sterk genegen is. Met de provinciale autoriteiten van Hebei zelf werd recent afgesproken om de komende jaren vooral in te zetten op de sectoren milieu, land- en tuinbouw, logistiek en distributie, farma en biotech en ten slotte automotive. Het zijn speersectoren in beide provincies.
Daarnaast is er een duidelijke evolutie aan de gang waarbij het provinciebestuur zijn initiële rol als initiatiefnemer verlaat ten voordele van een politiek waarbij vooral faciliterend en ondersteunend wordt gewerkt ten aanzien van Oost-Vlaamse bedrijven in hun inspanningen in China. Dit impliceert dat ons bestuur gedwongen wordt om ruimer te werken dan alleen maar Hebei. Ten einde de opportuniteiten te kunnen in beeld brengen werden in oktober 2007 verkennende bezoeken gebracht aan de economisch belangrijke stad Shenyang en de belangrijke havensteden Tianjin en Qingdao.
Een even belangrijk aspect naar de nabije toekomst toe wordt de geleidelijke internationalisering van de Chinese economie die zal resulteren in buitenlandse investeringen. Het Oost-Vlaams provinciebestuur wil vertrekkend vanuit de gepriviligeerde contacten de eigen troeven in logistiek, distributie en kenniseconomie maximaal in beeld brengen en valoriseren. Vanuit die visie neemt het ook actief deel aan de Chinastrategie die namens de Vlaamse regering werd ontwikkeld. Bedoeling is de krachten te bundelen. Het provinciebestuur wil hierbij vanuit een duidelijke visie inzake regiomarketing en –positionering nauw samenwerken met de stad Gent, de havens, de universiteit en hogescholen. Op basis van die positieve resultaten werd een uitbreiding naar die steden beleidsmatig vastgelegd. Om deze ambities te kunnen waarmaken werd geopteerd om de samenwerking met andere op China actieve Oost-Vlaamse actoren te verdiepen. Dit resulteerde eind april 2007 in de officiële oprichting van het Chinaplatform waarvan naast het provinciebestuur ook de Universiteit Gent, de Stad Gent en de Vlaamse-Chinese Kamer van Koophandel deel uitmaken. Eén van de eerste projecten vanwege dit Chinaplatform betreft de oprichting door de Universiteit Gent en het Oost-Vlaams provinciebestuur van een permanente antenne in Beijing. Deze antenne heeft enerzijds tot doel om de Universiteit Gent in al zijn facetten in China te promoten en gaat op zoek naar opportuniteiten voor samenwerking met Chinese universiteiten en kenniscentra en anderzijds ondersteunt het het Oost-Vlaams provinciebestuur in de uitbouw van economische contacten. Daarbij wordt niet alleen gedacht aan het ondersteunen van Oost-Vlaamse bedrijven in hun contacten met China, maar ook aan de promotie van Oost-Vlaanderen als aantrekkelijke investeringsregio. Deze permanente antenne ging officieel van start begin juni 2008.
Contact
dienst Economie, Europese & Internationale samenwerking
Huis van de Economie
Seminariestraat 2
9000 Gent
tel.09 267 86 85